Pastoraat

Van de Predikant:

Loslaten

De HEER vroeg aan Samuel: ‘Hoe lang blijf je nog treuren om Saul, die ik als koning van Israël verworpen heb? Kom, vul je hoorn met olie en ga voor mij naar Isaï in Betlehem, want een van zijn zonen heb ik als koning uitgekozen.’

Rouw dragen, ieder mens krijgt daar wel mee te maken. Je hebt een of meer dierbaren verloren, en de pijn daarvan voel je elke dag in je hart. Wat zou het leven een stuk mooier zijn geweest zonder dat verlies…
Soms wordt de pijn verergerd door mensen die tactloze opmerkingen maken. Bijvoorbeeld: ‘Zit je daar nu nog steeds mee? Het is al een tijdje geleden, het leven gaat verder, hoor!’ Een te snelle poging om iemand op te beuren, die aan het karakter van het verdriet voorbijgaat.
Toch zegt de HEER in bovengenoemde tekst wel zo iets tegen Samuel. Die heeft gemerkt dat God koning Saul niet meer wil steunen, omdat deze teveel zijn eigen gang gaat. Dat doet Samuel pijn, want hij heeft Saul zelf tot koning gezalfd, en die is toch zo goed begonnen. Samuel is boos geworden op de eigenzinnige Saul, maar treurt ook om hem dat het nu op die manier misgaat met hem. Ook over mensen die jou teleurgesteld hebben kun je treurig zijn, omdat je ze een beter lot gunt.
Wat God hier tegen Samuel zegt lijkt wel niet zo pastoraal, maar toch zit er wel iets in. Samuel moet namelijk een volgende stap gaan zetten naar de toekomst: hij moet David tot opvolger van Saul gaan zalven. God wil zelf een punt achter diens koningschap zetten, en daar moet Samuel zich maar bij neerleggen. Verdriet verdient alle respect, maar het is jammer als het je blijft blokkeren. Je zou de wereld wel stil willen zetten, maar de wereld draait door en daar heb je je plekje en je taak. Als dat duidelijk is, helpt het je vaak verder, al, kost het moeite om je daartoe te zetten. Uiteindelijk moet je je op de toekomst richten, en vastzitten aan het verleden (hoe begrijpelijk ook) moet dat niet blijven verhinderen.
Ik wil dit ook wel toepassen op de kerk. Mensen die de hoogtijdagen van het kerkelijk leven hebben meegemaakt in de 20
e eeuw, kunnen er heel verdrietig over zijn dat daar nu zo weinig meer van over is. En vaak zijn er verwanten en vrienden die afgehaakt zijn, wat de pijn nog vergroot. Toch moeten we niet bij de pakken neer blijven zitten. We worden geroepen om door te gaan met kerk-zijn, met het oog op de toekomst. Heimwee mag de voortgang niet blokkeren: wie weet wat God in de toekomst nog in petto heeft voor de kerk? ‘Blijf niet staan bij wat eertijds is gebeurd, laat het verleden nu rusten. Zie, ik ga iets nieuws verrichten, nu ontkiemt het – heb je het nog niet gemerkt?’ Dat zegt God tegen het volk dat blijft stilstaan bij wat geweest is en wat er misgegaan is.

Groei
Deze zomer is veel natter dan de voorgaande jaren. Eigenlijk een ‘ouderwetse Hollandse zomer’: voor vakantievierders niet prettig, maar goed voor de gewassen op het land en in de tuin. Die hebben nu eenmaal (flink wat) water nodig om te groeien en te bloeien. Het verschil met de vorige zomers is daar duidelijk zichtbaar, in positieve zin.
Groei hoort bij het leven, ook van ons mensen. Als je nog jong bent, groei je onstuimig; later komt dat tot stilstand, en nog later begint het proces van wegkwijnen. Toch is er ook dan nog groei mogelijk, namelijk innerlijk. Lichamelijk kun je achteruitgaan en intussen geestelijk je blijven ontwikkelen. Daarvoor heb je wel het ‘water’ nodig van Gods Geest. Probeer die te zoeken, in de kerk en in de wereld, om je ziel daarmee te laven. Dan kun je er net zo mooi en fris bij komen te staan als de planten die nu zo goed gedijen in onze omgeving!

Ds. A. Spaans





Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website [en/of Flash-applicaties] wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.